Jump to content

NL130.21 Noordland: Difference between revisions

From Oera Linda Wiki
mNo edit summary
houden voor ipv beschouwen
 
(27 intermediate revisions by the same user not shown)
Line 1: Line 1:
=={{Versie_Ott}}==
=={{Versie_Ott}}==


'''[[130|[130/21]]]'''
'''S. Frethorik'''


=={{Versie_Own}}==
'''4. Omslag in Noordland'''


==Ottema 1876==
'''[[130|130.21]]''' Dit geschrift over Noordland of Skénland is mij gegeven.
'''[179]''' '''Dit geschrift is mij over Noordland of Schoonland gegeven.'''


Ten tijde dat ons land neder zonk, was ik in Schoonland. Daar ging het zoo toe. Er waren groote meeren, die van den bodem als een blaas uitzetten, dan spleten zij vaneen, uit de scheuren kwam eene stof, alsof het gloeijend ijzer was. Er waren bergen, wier kruinen aftuimelden, deze stortten neder en vernielden wouden en dorpen. Ik zelf zag, dat een berg van een ander werd afgerukt. Lijnrecht zeeg hij neder. Toen ik naderhand ging zien, was er een meer ontstaan. Toen de aarde hersteld was, kwam er een hertog van Lindasburgt met zijn volk en eene maagd, die alom uitriep: de Magy is schuldig aan al het leed, dat wij geleden hebben. Zij trokken steeds voort en het heer werd al grooter. De Magy vluchtte weg, men vond zijn lijk, hij had zich zelf omgebracht. Toen werden de Finnen verdreven naar ééne plaats, daar mochten zij leven. Er waren ook van gemengd bloed, deze mochten blijven, doch velen gingen met de Finnen mede. De hertog werd tot koning gekozen. De kerken, die heel gebleven waren, werden vernield. Sedert dien tijd komen de goede Noormannen dikwijls op Texland om raad van de Moeder. Doch wij kunnen hen niet voor rechte Friezen meer houden. In de Denemarken is het zeker gegaan, als bij ons. De zeelieden, die zich zelven stoutelijk zeekampers noemen,zijn op hunne schepen gegaan, en naderhand zijn zij terug getrokken.
:In de tijd dat ons land verdronk, was ik in Skénland. Daar ging het er zo aan toe:


'''Heil!'''
:Er waren grote meren die vanaf de bodem als een bel omhoogkwamen, waarna ze uiteen spleten. Uit de openingen kwam een materie die leek op gloeiend ijzer. Er waren bergen waar de toppen van afbraken. Deze tuimelden naar beneden en vaagden wouden en dorpen weg. Zelf zag ik hoe een berg '''[[131|[131]]]''' van een andere werd losgescheurd. Hij zakte lijnrecht naar beneden. Toen ik later ging kijken was er een meer ontstaan.


==Noten==
:Toen Aarde zich had hersteld, kwam er een legeraanvoerder van Lindasburg met zijn volk en een Faam voorbij. De Faam verkondigde overal dat de Mágí schuldig was aan al het leed dat ons was overkomen. Ze trokken door het hele land en het leger werd steeds groter. De Mágí sloeg op de vlucht. Men vond zijn lijk. Hij had zijn eigen leven genomen.
 
:Toen werden de Finnen naar één plaats gedreven waar ze mochten blijven leven. Er waren er ook van verbasterd bloed. Die mochten blijven, maar veel van hen gingen met de Finnen mee. De legerleider werd tot koning verkozen. De kerken die heel waren gebleven werden gesloopt. Sindsdien komen de goede noordlieden vaker naar Texland voor raad van de Moeder. We vermogen hen echter niet meer voor rechtschapen Frijas houden.
 
:In de Denemarken is het zeker net als bij ons gegaan; De zeevaarders, die zichzelf daar trots Zeekampers noemen, zijn op hun schepen gegaan en na het herstel weer teruggekeerd.
 
:Heil!
 
===Noten===
<references />
<references />
{{Hoofdstuk Navigatie|normal=NL131.26 Repatrianten|back=NL127.28 Afscheid|alternative=NL118.32 Vloot|altback=NL117.20 Eremoeder}}
=={{Titel andere talen}}==
<span>
:<div class="emoji flag de"></div> '''[[DE130.21 Nordland]]'''
:<div class="emoji flag uk"></div> '''[[EN130.21 Northland]]'''
:<div class="emoji flag es"></div> '''[[ES130.21 Norlandia]]'''
:<div class="emoji flag fs"></div> '''[[FS130.21 NORTHLAND|FS130.21 <span class="fryas">NORTHLAND</span>]]'''
:<div class="emoji flag no"></div> '''[[NO130.21 Nordland]]'''</span>


=={{Ander NL}}==
Hoofdstukken S4, S5 en T: [[S4T Ottema|Ottema 1876]] | [[S4T Overwijn|Overwijn 1951]]
[[Category:Nederlandse Vertalingen]]
[[Category:Nederlandse Vertalingen]]
__FORCETOC__
{{DEFAULTSORT:^S. Frethorik^}}
{{DEFAULTSORT:^Hk 14 Frethorik^}}
{{Hoofdstuk Navigatie|normal=Nl 14g De Broekmannen|alternative=Nl 14c Friso's Vloot}}

Latest revision as of 10:53, 15 May 2025

Ontwerp 2026 Ott

S. Frethorik

4. Omslag in Noordland

130.21 Dit geschrift over Noordland of Skénland is mij gegeven.

In de tijd dat ons land verdronk, was ik in Skénland. Daar ging het er zo aan toe:
Er waren grote meren die vanaf de bodem als een bel omhoogkwamen, waarna ze uiteen spleten. Uit de openingen kwam een materie die leek op gloeiend ijzer. Er waren bergen waar de toppen van afbraken. Deze tuimelden naar beneden en vaagden wouden en dorpen weg. Zelf zag ik hoe een berg [131] van een andere werd losgescheurd. Hij zakte lijnrecht naar beneden. Toen ik later ging kijken was er een meer ontstaan.
Toen Aarde zich had hersteld, kwam er een legeraanvoerder van Lindasburg met zijn volk en een Faam voorbij. De Faam verkondigde overal dat de Mágí schuldig was aan al het leed dat ons was overkomen. Ze trokken door het hele land en het leger werd steeds groter. De Mágí sloeg op de vlucht. Men vond zijn lijk. Hij had zijn eigen leven genomen.
Toen werden de Finnen naar één plaats gedreven waar ze mochten blijven leven. Er waren er ook van verbasterd bloed. Die mochten blijven, maar veel van hen gingen met de Finnen mee. De legerleider werd tot koning verkozen. De kerken die heel waren gebleven werden gesloopt. Sindsdien komen de goede noordlieden vaker naar Texland voor raad van de Moeder. We vermogen hen echter niet meer voor rechtschapen Frijas houden.
In de Denemarken is het zeker net als bij ons gegaan; De zeevaarders, die zichzelf daar trots Zeekampers noemen, zijn op hun schepen gegaan en na het herstel weer teruggekeerd.
Heil!

Noten

Navigeer

NL127.28 Afscheid ᐊ vorig/volgend ᐅ NL131.26 Repatrianten

Aangepaste volgorde:

NL117.20 Eremoeder ᐊ vorig/volgend ᐅ NL118.32 Vloot

In andere talen

DE130.21 Nordland
EN130.21 Northland
ES130.21 Norlandia
FS130.21 NORTHLAND
NO130.21 Nordland

Andere Nederlandse vertalingen

Hoofdstukken S4, S5 en T: Ottema 1876 | Overwijn 1951