Jump to content

NL006.12 Schepping: Difference between revisions

From Oera Linda Wiki
No edit summary
oed of od
 
(24 intermediate revisions by the same user not shown)
Line 4: Line 4:
'''2. Scheppingsverhaal'''
'''2. Scheppingsverhaal'''


'''[[006|6.12]]''' Dit is ons scheppingsverhaal.
'''[[006|6.12]]''' Dit is ons scheppingsverhaal (onze ''eerste geschiedenis'').


Wralda die als enige volmaakt en eeuwig is, maakte het ontwerp. Daarna kwam de tijd die alles tot stand bracht, ook Aarde. Aarde baarde alle grassen, kruiden en bomen — alle geliefde en alle gevreesde dieren. Wat goed en mooi is bracht ze overdag voort, wat kwaad en erg is in de nacht. Na het twaalfde Joelfeest [ging Wralda’s verlangen naar mensen in vervulling en] bracht Aarde drie oermodellen ter wereld:<ref><span class="fryas">MAN<span class="sep">'</span>GÉRT</span>(<span class="fryas">-E</span>; meervoud: <span class="fryas">-A/-NE/-UM</span>), de door vertaler vermoede oervorm van ‘maagd’/ ‘meid’/ ‘meisje’, maar hier omwille van de context geduid als ‘oermodel’, betekent letterlijk ‘mensbegeerd’ of ‘mensbegeerte’. Als het hoogste bewustzijn de mensen begeerde te scheppen, spreekt het vanzelf dat eerst oermoeders ter wereld kwamen die vervolgens zelf kinderen konden krijgen. Alleen al hierom is dit scheppingsverhaal zinniger dan die waarin de eerste mens manlijk is. Meer letterlijk vertaald luidt de zin: “Na het twaalfde Joelfeest baarde zij drie ''mensbegeerten'' (of: meisjes).</ref> Lyda werd gevormd uit gloeiende, Finda uit hete en Frya uit warme stof.
''Wralda'' (of: Oeroude, Wereld) die als enige Volmaakt (''God'') en Eeuwig is, onwierp ''Tanfang'' (‘Tempo’ of de natuurlijke en hemelse ritmes en cycli).<ref>''Tanfang'' (<span class="fryas">T-ANFANG</span>) — hieruit zullen zijn afgeleid: Tanfana/Tamfana, tempel, tempus. Het woord is samengesteld uit de delen <span class="fryas">T</span> (’t) en <span class="fryas">ANFANG</span> (aanvang). Zie ook [[NL045.01 Joel|H. Waraburg: Joel en Schrift]].</ref>


Toen ze tevoorschijn kwamen voedde Wralda hen met zijn adem, om de mens aan hem te verbinden. Zodra ze geslachtsrijp waren kregen ze dromen over vruchten en noten (of: vreugde en genot). Wralda’s ''od'' trad hun binnen, waarna elk twaalf zonen en twaalf dochters baarde — elke Joeltijd een tweeling. Daaruit is de mensheid ontstaan.
Hieruit ontstond Tijd, die alle dingen wrochtte, waaronder Aarde.


=={{Titel_noten_vertalingen}}==
Aarde baarde alle grassen, kruiden en bomen — alle geliefde en alle gevreesde dieren.
<div class="toccolours mw-collapsible mw-collapsed">


===Noten===
Al wat goed en mooi is bracht Ze bij dag — en al wat kwaad en erg is bracht Ze des nachts voort.
<references />


==={{Versie_Own}}===
Na het twaalfde Joelfeest [ging Wralda’s begeerte naar mensen in vervulling en] bracht Zij drie oermodellen (''mensgeerten'') ter wereld:<ref><span class="fryas">MAN<span class="sep">'</span>GÉRT</span>(<span class="fryas">-E</span>; meervoud: <span class="fryas">-A/-NE/-UM</span>), de door vertaler vermoede oervorm van ‘maagd’/ ‘meid’/ ‘meisje’, maar hier omwille van de context geduid als ‘oermodel’, betekent letterlijk ‘mensbegeerd’ of ‘mensbegeerte’. Als het hoogste bewustzijn de mensen begeerde te scheppen, spreekt het vanzelf dat eerst oermoeders ter wereld kwamen die vervolgens zelf kinderen konden krijgen. Alleen al hierom is dit scheppingsverhaal zinniger dan die waarin de eerste mens manlijk is. Meer letterlijk vertaald luidt de zin: “Na het twaalfde Joelfeest baarde zij drie ''mensgeerten'' (of: meisjes).”</ref>
'''[/9]''' Dit is onze vroegste geschiedenis.


Wr.alda, die alleen God is en eeuwig, maakte het begin. Alsdan kwam de tijd. De tijd wrochtte alle dingen, ook de aarde. De aarde baarde alle grassen, kruiden en bomen, al het liefelijke en al het boze gedierte. Alles, dat goed en liefelijk is, bracht zij bij dag voort en alles wat boos en kwaad is, bracht zij ’s nacht voort. Na het twaalfde Jolfeest baarde zij drie maagden:
Lijda kreeg vorm uit gloeiende, Finda uit hete en Frija uit warme stof.


Lyda gewerd uit gloeiende stof,
Toen zij tevoorschijn kwamen spijsde Wralda hen met zijn adem, opdat de mens aan hem verbonden zou zijn.


Finda uit hete en
Zodra ze geslachtsrijp waren kregen ze vruchten en noten (of: vreugde en genot) in hun dromen.


Frya uit warme stof.
Wralda’s ''oed'' trad hun binnen,<ref>‘''oed'' trad ... binnen’ (<span class="fryas">OD TRÀD ... BINNA</span>) — ''oed'' (of ''od'') is uit de samenhang geduid als het manlijk lid, maar onvertaald gelaten; dat het Fryas werkwoord <span class="fryas">BINNATRÉDA</span> is samengesteld uit twee delen met elk een eigen betekenis doet vermoeden dat dit woord zuiverder is dan het Latijnse woord met dezelfde betekenis ''penetrare''.</ref> waarna elk twaalf zonen en twaalf dochters baarde — elke Joeltijd een tweeling.


Toen zij te voorschijn kwamen, voedde Wr.alda haar met zijn adem, opdat de mensen aan hem gebonden zouden wezen. Zodra zij '''[11]''' volwassen waren, kregen zij vreugde en genoegen in de dromen van Wr.alda. Geneugte kwam tot haar, En nu baarden zij elk twaalf zoons en twaalf dochters, elke joltijd een paar. Daarvan zijn alle mensen gekomen.
Daarvan zijn alle mensen gekomen.


===Ottema 1876===
===Noten===
'''[/13] Dit is onze vroegste geschiedenis.'''
<references />
{{Hoofdstuk Navigatie|normal=NL007.01 Lyda|back=NL005.30 Stift|alternative=NL009.18 Frya|altback=NL032.01 Natuurrecht}}


Wralda, die alleen goed en eeuwig is maakte den aanvang, alsdan kwam de tijd, de tijd wrochte alle dingen, en ook de aarde, de aarde baarde alle grassen, kruiden en boomen, het liefelijk gedierte en al het booze gedierte. Alles wat goed en liefelijk is, bragt zij bij dag voort, en alles wat boos en kwaad is, bragt zij bij nacht voort. Na het twaalfde Juulfeest bragt zij voort drie maagden:


Lyda uit gloeijende stof,
=={{Titel andere talen}}==
<span>
:<div class="emoji flag de"></div> '''[[DE006.12 Urgeschichte]]'''
:<div class="emoji flag uk"></div> '''[[EN006.12 Creation]]'''
:<div class="emoji flag es"></div> '''[[ES006.12 Orígenes]]'''
:<div class="emoji flag fr"></div> '''[[FR006.12 Origine]]'''
:<div class="emoji flag fs"></div> '''[[FS006.12 TANFANG|FS006.12 <span class="fryas">TANFANG</span>]]'''
:<div class="emoji flag no"></div> '''[[NO006.12 Skapingsmyte]]'''</span>


Finda uit heete stof, en
=={{Ander NL}}==
 
Hoofdstuk D: [[D Ottema|Ottema 1876]] | [[D Overwijn|Overwijn 1951]]
Frya uit warme stof.
 
Toen deze te voorschijn kwamen, spijsde Wralda haar met zijnen adem, opdat de menschen aan hem zouden gebonden wezen. Zoodra zij volwassen waren, kregen zij vermaak en genoegen in de droomen van Wralda. Haat trad tot haar binnen. En nu baarden zij elk twaalf zonen en twaalf dochteren, elke juultijd een paar. Daarvan zijn alle menschen gekomen.
</div>
 
{{Hoofdstuk Navigatie|normal=NL007.01 Lyda|back=NL005.30 Stift|alternative=NL009.18 Frya|altback=NL032.01 Natuurrecht}}
<span><div class="emoji flag uk"></div> '''[[EN006.12 Creation]]''' <div class="emoji flag es"></div> '''[[ES006.12 Orígenes]]'''</span>
[[Category:Nederlandse Vertalingen]]
[[Category:Nederlandse Vertalingen]]
__FORCETOC__
{{DEFAULTSORT:^D. Op Drie Burgen^}}
{{DEFAULTSORT:^D. Op Drie Burgen^}}

Latest revision as of 11:59, 24 January 2026

Ontwerp 2026 Ott

D. Op drie Burgen

2. Scheppingsverhaal

6.12 Dit is ons scheppingsverhaal (onze eerste geschiedenis).

Wralda (of: Oeroude, Wereld) die als enige Volmaakt (God) en Eeuwig is, onwierp Tanfang (‘Tempo’ of de natuurlijke en hemelse ritmes en cycli).[1]

Hieruit ontstond Tijd, die alle dingen wrochtte, waaronder Aarde.

Aarde baarde alle grassen, kruiden en bomen — alle geliefde en alle gevreesde dieren.

Al wat goed en mooi is bracht Ze bij dag — en al wat kwaad en erg is bracht Ze des nachts voort.

Na het twaalfde Joelfeest [ging Wralda’s begeerte naar mensen in vervulling en] bracht Zij drie oermodellen (mensgeerten) ter wereld:[2]

Lijda kreeg vorm uit gloeiende, Finda uit hete en Frija uit warme stof.

Toen zij tevoorschijn kwamen spijsde Wralda hen met zijn adem, opdat de mens aan hem verbonden zou zijn.

Zodra ze geslachtsrijp waren kregen ze vruchten en noten (of: vreugde en genot) in hun dromen.

Wralda’s oed trad hun binnen,[3] waarna elk twaalf zonen en twaalf dochters baarde — elke Joeltijd een tweeling.

Daarvan zijn alle mensen gekomen.

Noten

  1. Tanfang (T-ANFANG) — hieruit zullen zijn afgeleid: Tanfana/Tamfana, tempel, tempus. Het woord is samengesteld uit de delen T (’t) en ANFANG (aanvang). Zie ook H. Waraburg: Joel en Schrift.
  2. MAN'GÉRT(-E; meervoud: -A/-NE/-UM), de door vertaler vermoede oervorm van ‘maagd’/ ‘meid’/ ‘meisje’, maar hier omwille van de context geduid als ‘oermodel’, betekent letterlijk ‘mensbegeerd’ of ‘mensbegeerte’. Als het hoogste bewustzijn de mensen begeerde te scheppen, spreekt het vanzelf dat eerst oermoeders ter wereld kwamen die vervolgens zelf kinderen konden krijgen. Alleen al hierom is dit scheppingsverhaal zinniger dan die waarin de eerste mens manlijk is. Meer letterlijk vertaald luidt de zin: “Na het twaalfde Joelfeest baarde zij drie mensgeerten (of: meisjes).”
  3. oed trad ... binnen’ (OD TRÀD ... BINNA) — oed (of od) is uit de samenhang geduid als het manlijk lid, maar onvertaald gelaten; dat het Fryas werkwoord BINNATRÉDA is samengesteld uit twee delen met elk een eigen betekenis doet vermoeden dat dit woord zuiverder is dan het Latijnse woord met dezelfde betekenis penetrare.

Navigeer

NL005.30 Stift ᐊ vorig/volgend ᐅ NL007.01 Lyda

Aangepaste volgorde:

NL032.01 Natuurrecht ᐊ vorig/volgend ᐅ NL009.18 Frya


In andere talen

DE006.12 Urgeschichte
EN006.12 Creation
ES006.12 Orígenes
FR006.12 Origine
FS006.12 TANFANG
NO006.12 Skapingsmyte

Andere Nederlandse vertalingen

Hoofdstuk D: Ottema 1876 | Overwijn 1951