Nl 08e De Golen

    From Oera Linda Wiki

    Ott werkversie

    8e. De Golen

    [060/12] Wat hieruit voortkwam.

    In de meest noordelijke bocht van de Middenzee ligt een eiland bij de kust. Nu kwamen de Tyriërs vragen of ze dat konden kopen. Daarover werd een algemene Acht belegd, waarop Moeder's raad werd gevraagd. Zij hield hen het liefst op afstand en meende dus dat er geen kwaad in stak.[1] Maar toen we later beseften hoe we ons vergist hadden, hebben we dat eiland Missellia (misverkoop) genoemd.

    Wij hadden daar een goede reden voor, zoals uit het volgende zal blijken:

    De Golen, zoals de zendelingen-priesters van Sidon werden genoemd, waren zich er terdege van bewust dat het land in deze zuidelijke regio dunbevolkt was en ver buiten het bereik van de Moeder lag. Om nu de illusie te wekken dat ze goedaardig waren, lieten ze zich in onze taal Tru-widen — ‘Aan Trouw Gewijden’ noemen. Maar een passender naam zou zijn geweest: ‘Van Trouw Afgewenden’, of [061] kortweg Trou-wenden, zoals onze zeevaarders later zeiden.

    Toen ze zich daar goed gevestigd hadden, ruilden hun kooplieden mooie koperen wapens en allerlei sieraden tegen onze ijzeren wapens en huiden van wilde dieren, waarvan er in onze zuidelijke landen veel te krijgen waren. Maar de Golen organiseerden ook allerhande verachtelijke, afgodische feesten, waarmee ze de landrotten aanlokten, daarbij geholpen door hun hoerige meisjes en de zoetheid van hun bedwelmende wijn.[2]

    Was er iemand van ons volk die zich dermate had misdragen dat zijn leven in gevaar was, dan verleenden de Golen hem dekmantel of schuilplaats en brachten hem naar Fenicië, ook bekend als Palmland. Wanneer hij daar gevestigd was, moest hij zijn familie, vrienden en bondgenoten schrijven, dat het land beter en de mensen gelukkiger waren dan men zich zou kunnen verbeelden.

    Op Brittania waren veel meer mannen dan vrouwen. Omdat de Golen dat wisten, lieten ze waar en wanneer ze de kans kregen meisjes ontvoeren, die ze voor niets aan de Britten gaven. Maar al deze meisjes werden hun dienaressen en stalen de kinderen van Wralda om deze aan hun valse afgoden te geven...

    Noten en andere vertalingen

    Noten

    1. Mogelijk verwachtte ze dat de Tyriërs dan minder vaak op de Toelaatmarkt zouden komen.
    2. ‘bedwelmende’ — er staat ‘giftige’ (FENINIGE), maar het zal niet de bedoeling zijn geweest om de gasten te doden of ziek te maken.

    Overwijn 1951

    [/61] Wat daarvan geworden is.

    In de Noordelijkste hoek van de Middellandse Zee ligt een eiland bij de kust. Nu kwamen zij dat te koop vragen. Daarover werd een algemene vergadering belegd. Moeder’s raad werd ingewonnen, maar Moeder zag hen liefst ver af. Daarom meende zij, dat er geen kwaad in stak, maar toen wij later zagen, hoe verkeerd wij gedaan hadden, noemden wij dat eiland Misverkocht. Hierna zal blijken dat wij hiertoe reden hadden. De Golen, (= de kundigen) zo heetten de zendelingspriesters van Sidonia, hadden wel gezien dat het land daar schaars bevolkt was en ver van de Moeder. Om zich nu een goede schijn te geven, lieten zij zich in onze taal „aan de trouw gewijden” heten, (maar het was beter geweest, als zij zich „van de trouw afgewenden” genoemd hadden of kortweg „Trouw-wenden” zoals onze zeelieden later gedaan hadden).

    Toen zij goed en wel gezeten waren, ruilden hun kooplieden schone koperen wapens en allerlei sieraden tegen onze ijzeren wapens en huiden van wilde dieren, waarvan er in onze Zuidelijke landen veel te verkrijgen waren, Maar de Golen vierden allerhande euvele afgodische feesten en verlokten de ingezetenen met hun wulpse meisjes en de zoetheid van hun venijnige wijn. Was er iemand van ons volk, die het zo erg verbruid had, dat zijn leven in gevaar kwam, dan verleenden de Golen hem onderdak en schuilplaats, en voerden hem naar Phoinikië (dat is Palmland). Was hij daar, dan moest hij aan zijn bloedverwanten, vrienden en kennissen schrijven, dat het land zo goed was en de mensen zo gelukkig, als niemand zich kon indenken. In Brittanië waren zeer veel mannen, maar weinig vrouwen. Toen de Golen dat wisten, lieten zij overal meisjes schaken en deze gaven zij aan de Britten voor niets. Maar al deze meisjes waren hun dienaressen, die kinderen van Wr.alda stalen om ze aan hun valse afgoden te geven.

    Ottema 1876

    [/85] Wat daarvan geworden is.

    In de noordelijkste hoek van de Middellandsche zee ligt een eiland bij de kust. Nu kwamen zij dat te koop vragen. Daarover werd eene algemeene vergadering belegd. Moeders raad werd ingewonnen, maar Moeder zag hen liefst ver af. Daarom meende zij dat er geen kwaad in stak, doch als wij achterna zagen, hoe wij verkeerd gedaan hadden, noemden wij dat eiland Mis-sellia (miskoop, verkeerde koop). Hierachter zal blijken, hoe wij hiertoe reden hadden. De Golen (Gola, Galli, Gaulous), zoo heetten de zendeling-priesters van Sydon, hadden wel gezien dat het land daar schaars bevolkt was en ver van de Moeder was. Om nu zich zelven een goeden schijn te geven, lieten zij zich zelve in onze taal aan de trouw gewijden heeten, maar dat was beter geweest, als zij zich zelve van de trouw gewenden genoemd hadden of kort weg Triuwenden, gelijk onze zeelieden later gedaan hebben.

    Toen zij wel gezeten waren, ruilden hunne kooplieden schoone koperen wapenen en allerlei sieraden tegen onze ijzeren wapenen en huiden van wilde dieren, die in onze [87] zuidelijke landen in menigte te bekomen waren. Maar de Golen vierden allerhande vuile gedrochtelijke feesten, en lokten de Kadhemers door toedoen van hunne wulpsche meisjes en de zoetheid van hunne vergiftige wijn. Was er iemand van ons volk die het zoo erg verbruid had, dat zijn leven in gevaar kwam, dan verleenden de Golen hem heul en schuilplaats, en voerden hem naar Phonisia, dat is Palmland. Was hij daar gezeten, dan moest hij aan zijne bloedverwanten, vrienden en aanverwanten schrijven, dat het land zoo goed was en de menschen zoo gelukkig, als niemand zich konde verbeelden. In Brittania waren zeer vele mannen, doch weinig vrouwen, toen de Golen dat wisten, lieten zij allerwege meisjes schaken, en deze gaven zij aan de Britten om niet. Doch al deze meisjes waren hunne dienaressen, die kinderen van Wralda stalen om ze aan hunne valsche afgoden te geven.

    Lees Verder

    Nl 08d Tunis en de Tyriërs ᐊ vorig/volgend ᐅ Nl 09a Kelta en Minerva


    En 08e The Gola