NL007.01 Lyda
Ontwerp 2026 Ott
D. Op Drie Burgen
3. Drie Oermoeders
Lyda
7.1 [007] Lyda was zwart, met krullend haar als dat van lammeren. Als sterren folkelden haar ogen. Ja, de blik van een gier was schuw bij die van haar.
Scherpzinnige Lyda. Een slang kon ze horen glijden en waren er vissen in het water, ontging dat haar neus niet.
Welgebouwde Lyda. Een sterke boom kon ze buigen, maar als ze liep, brak geen bloemsteel onder haar voet.
Machtige Lyda. Luid was haar stem en ging ze boos tekeer, dan vluchtte iedereen.
Verwonderlijke Lyda. Van wetten wilde ze niets weten en haar daden werden door driften gestuurd. Om de kwetsbare te helpen, doodde ze de sterke en vervolgens huilde ze bij het lijk.
Arme Lyda. Ze werd grijs door haar stuurloze gedrag en uiteindelijk stierf ze van hartzeer om het kwaad van haar kinderen.
Dwaze kinderen. Ze verweten elkaar hun moeders dood. Ze huilden en vochten als wolven, en ondertussen pikten vogels aan het lijk. Wie kan zijn tranen bedwingen?
Noten
Andere vertalingen
Hoofdstuk D: Ottema 1876 | Overwijn 1951
NL006.12 Schepping ᐊ vorig/volgend ᐅ NL007.30 Finda
Aangepaste volgorde:
NL005.30 Stift ᐊ vorig/volgend ᐅ NL007.30 Finda