Jump to content

1798-1810 Jan Ott: Difference between revisions

From Oera Linda Wiki
aanzet
 
mNo edit summary
Line 14: Line 14:
[[File:Lente 1798.jpg||1000px]]
[[File:Lente 1798.jpg||1000px]]


... <u>18 juli</u> bij notaris ''J.A. van Utzel'' te <u>Den Haag</u> waarin procureur ''J.W. van Alphen'' gemachtigd werd in zaak tegen gedaagde ''Evert O. Van Raaden'' <small>[NA 4526 akte 262 bl. 497]</small>:<blockquote>'''''Maria Otten''''' [43 jaar] huisvrouw van ''Evert Otto van Raaden''‚ thans in dienstbaaren staat wonende bij den ''Lt Collonel Abbema'',<ref>[[File:Abbema-Testas en zoon 1802.jpg|thumb|Echtpaar Abbema-Testas en zoon te Den Haag, 1802.]]
... <u>18 juli</u> bij notaris ''J.A. van Utzel'' te <u>Den Haag</u> waarin procureur ''J.W. van Alphen'' gemachtigd werd in zaak tegen gedaagde ''Evert O. Van Raaden'' <small>[NA 4526 akte 262 bl. 497]</small>:<blockquote>'''''Maria Otten''''' [43 jaar] huisvrouw van ''Evert Otto van Raaden''‚ thans in dienstbaaren staat wonende bij den ''Lt Collonel Abbema'',<ref>[[File:Abbema-Testas en zoon 1802.jpg|thumb|Echtpaar Abbema-Testas en zoon te Den Haag, 1802.]]'''Jacob Carel Abbema''' was Lieutenant Colonel van het 1e Bataljon van de 3e Halve Brigade, gedoopt 14-9-1749 (geref.) Utrecht, ovl. 16-3-1835 Haarlem, z.v. Jan Fredrik Abbema (1709-1766) en Jacoba Mattina Smitsaert (1709-1791); gehuwd (1) 28-11-1781 Utrecht met '''Louisa Elisabeth Testas''', gedoopt 2-6-1748 Amsterdam Nwe Kerk, ovl. 1812, d.v. Jan Testas (1705-1763, directeur Levantse Handel) en Louisa Constantia de Famars (1713-1781). Zoon: <u>Jan Fredrick</u>, geb. 1784 Utrecht; dochter: <u>Constantina Maria Louisa</u>, geb. 1788 Utrecht.</ref> in garnizoen alhier in <u>den Hage</u>, geadsisteert met ''Jan Willem van Alphen'', <u>procureur voor het Hof van Justitie</u> over het voormalig gewest Holland, als bij acte van den zelven Hove‚ in dato <u>23 maart 1798</u>, haar toegevoegden ''curator ad lites'' [vrij vertaald: ''advocaat''].</blockquote>
'''Jacob Carel Abbema''' was Lieutenant Colonel van het 1e Bataljon van de 3e Halve Brigade, gedoopt 14-9-1749 (geref.) Utrecht, ovl. 16-3-1835 Haarlem, z.v. Jan Fredrik Abbema (1709-1766) en Jacoba Mattina Smitsaert (1709-1791); gehuwd (1) 28-11-1781 Utrecht met '''Louisa Elisabeth Testas''', gedoopt 2-6-1748 Amsterdam Nwe Kerk, ovl. 1812, d.v. Jan Testas (1705-1763, directeur Levantse Handel) en Louisa Constantia de Famars (1713-1781). Zoon: <u>Jan Fredrick</u>, geb. 1784 Utrecht; dochter: <u>Constantina Maria Louisa</u>, geb. 1788 Utrecht.</ref> in garnizoen alhier in <u>den Hage</u>, geadsisteert met ''Jan Willem van Alphen'', <u>procureur voor het Hof van Justitie</u> over het voormalig gewest Holland, als bij acte van den zelven Hove‚ in dato <u>23 maart 1798</u>, haar toegevoegden ''curator ad lites'' [vrij vertaald: ''advocaat''].</blockquote>


== 1799 ==
== 1799 ==

Revision as of 12:17, 28 September 2025

Jan Ott (1758-1810) was de zoon van Pieter Ott en stamhouder van de familie.

[samenvatting volgt]

Afkortingen

  • d.v./z.v.; get. = dochter/zoon van; getuige
  • dtb = doop-, trouw- en begraafboeken
  • NA = Notarieel archief (Hoorn, tenzij anders vermeld) / OR = Oud-rechterlijke en weeskamer archieven

1798

Woensdag 30 mei is begraven vader Pieter Ott (±74 jaar oud) in de Noorderkerk te Hoorn [dtb 89/69].

... 18 juli bij notaris J.A. van Utzel te Den Haag waarin procureur J.W. van Alphen gemachtigd werd in zaak tegen gedaagde Evert O. Van Raaden [NA 4526 akte 262 bl. 497]:

Maria Otten [43 jaar] huisvrouw van Evert Otto van Raaden‚ thans in dienstbaaren staat wonende bij den Lt Collonel Abbema,[1] in garnizoen alhier in den Hage, geadsisteert met Jan Willem van Alphen, procureur voor het Hof van Justitie over het voormalig gewest Holland, als bij acte van den zelven Hove‚ in dato 23 maart 1798, haar toegevoegden curator ad lites [vrij vertaald: advocaat].

1799

... 3 mei is te Den Haag de echtscheiding van Maria Ott en Evert van Raden afgerond []. Ondertrouw en huwelijksafkondiging 2 juni te Alkmaar []. Zondag 16 juni zijn te Alkmaar getrouwd Maria Ott[2] en Michiel Wurckert,[3] weduwnaar en sergeant majoor in het 1e Battaljon van de 3e Halve Brigade (van lieut. coll. Abbema dus!) in guarnisoen Alkmaar [].

1800

... 31 december testament sergeant majoor M. Wurckert en Maria Ott te Leiden [NA 2397 akte 206 fol. 1225 scan 1198].

1801

... 26 oktober is geboren dochter Marijtje [dtb].

1802

... 21 april werd Maria Otte lidmaat van de gereformeerde gemeente te Haarlem, met attestatie van Leiden [].

1804

... 14 februari te Haarlem waren Maria Ott en Michael Wurckert getuigen bij de doop van Maria Wilhelmina, d.v. Georg Balthasar Engelhardt[4] en Wilhelmina Nap [].

... 8 april aantekening van uitschrijving in lidmatenboek Haarlem: Maria Otte overleden of vertrokken? [zie 1802].

1805

... 27 mei is begraven in de Grote Kerk (zuidzijde 11) te Hoorn Aaltje Ott (kosten ƒ7:7:-) [dtb 86/76]; impost ƒ8 [dtb 84/103]. Bericht door Gerrit Engelberts in Oprechte Haarlemse courant van 28 mei [].

1806

... 4 maart verslag inspectie onderwijs (mijn onderstrepingen) [arch. 89.26]:

Zoo woonde ik ook met het grootste genoegen, in de school van Meester Ott (48), te Wognum, een geheelen schooltijd bij. Zijne school, strekt tot een onbetwistbaar bewijs, dat het de klagten de[r] tragen en werkeloozen zijn, die zich op de vooroordeelen der ingezetenen tegen al wat nieuw is, beroepen, en, -het daarom bij het oude laten blijven. In eenen oord wonende, waar ingezetenen meer dan elders wegens gehechtheid aan het oude beschuldigd worden, heeft hij echter zijne school zeer wel ingericht, en vond ik bij velen, redenen, om met een neergeslagen gemoed de school te verlaten, hier toog ik overvloedige redenen aan, om mij te verblijden over het goede, het geen deze, reeds bejaarde man, hier sticht. De school, is een der ruimste, luchtigste, geschikste locaalen, welke ik op mijnen weg ontmoette. Er ontbreekt slechts een kagchel of vuurplaats voor den winter. De school met genoegzame leerborden voorzien, deed ik hem echter opmerken, dat er eene goede kaart ontbrak, en ik beloofde hem, pogingen te zullen doen, om voor eerst [?], eene goede kaart van Dregterland, te bezorgen.

1809

... 26 juni verslag inspectie onderwijs (mijn onderstrepingen) [arch. 89.38]:

Wognum den 26n van zomermaand [juni]. Jan Ott op ond. 2e R. Hier ging alles den ouden gang. Eene talrijke school van 71 kinderen, wel geklassificeert, en in goede orde. Wel oplettend onderwijs, maar zonder oordeel. De meester, een ouderwetsch, knap vlijtig, bescheiden schoolmeester - doch zich schikkende naar de verordeningen. Goede boeken; leerzame en wel geschrevene voorschriften. Eenige goede schrijvers - het lezen te luid en zangerig. 10 à 12 rekenaars in de allereerste beginselen. Reinheid en zindelijkheid, beschaafdheid en zedelijkheid, mag ik hier roemen. De onderwijzer is hier in voorbeeldig. Het schoolvertrek is zeer wel ingerigt, ruim en luchtig. Eene stookplaats ter verwarming, zoude met weinige kosten kunnen gemaakt worden. Herhaalde aanzoeken bij het gemeente bestuur, tot verkrijging van een klein sommetje voor prijsjes tot aanmoediging, hebben niets uitgewerkt - als beloften.

1810

Advertenties m.b.t. het overlijden van Jan Ott en het daarmee vakant worden van de post van schoolonderwijzer, koster en voorzanger te Wognum in de Koninklijke courant van 16 juni en de Oprechte Haarlemse courant, 21 juni [].

[schema nog maken]

familie en aanverwanten rondom Jan Ott aan zijn levenseinde, lente 1810

Gaat verder met zoon Pieter Ott.

Noten

  1. Echtpaar Abbema-Testas en zoon te Den Haag, 1802.
    Jacob Carel Abbema was Lieutenant Colonel van het 1e Bataljon van de 3e Halve Brigade, gedoopt 14-9-1749 (geref.) Utrecht, ovl. 16-3-1835 Haarlem, z.v. Jan Fredrik Abbema (1709-1766) en Jacoba Mattina Smitsaert (1709-1791); gehuwd (1) 28-11-1781 Utrecht met Louisa Elisabeth Testas, gedoopt 2-6-1748 Amsterdam Nwe Kerk, ovl. 1812, d.v. Jan Testas (1705-1763, directeur Levantse Handel) en Louisa Constantia de Famars (1713-1781). Zoon: Jan Fredrick, geb. 1784 Utrecht; dochter: Constantina Maria Louisa, geb. 1788 Utrecht.
  2. Maria Ott moet overleden zijn tussen 1804 en 1818.
  3. Wurckert was vanaf 1806 in het Garnizoensbataljon v.h. 3e regiment; (later of eerder) in het 4e Regiment infanterie; in 1811-’12 werkzaam in het militair hospitaal te Brielle; later stadsportier te Brielle.
  4. G.B. Engelhardt was eerste luitenant in 1827; werd kapitein in 1829.