Jump to content

NL065.15 Jon: Difference between revisions

From Oera Linda Wiki
No edit summary
Line 4: Line 4:


=={{Versie_Own}}==
=={{Versie_Own}}==
<div class="toccolours mw-collapsible mw-collapsed">
'''[/65]''' '''Hierbij komt de geschiedenis van (Jon) Ioniër.'''
'''[/65]''' '''Hierbij komt de geschiedenis van (Jon) Ioniër.'''


Line 9: Line 10:


In die tijd was Rosamon (dat is Rosamuda), Moeder; zij had veel in der minne geschikt om de vrede te bewaren, doch nu het zo erg werd, maakte zij korte metten. Terstond zond zij boden langs de landpalen en liet een algemene noodban uitroepen, toen kwamen de landverdedigers uit alle oorden vandaan. Het strijdende landvolk werd opgepakt, maar Jon borg zich met zijn manschappen op zijn vloot, de beide lampen meenemende, benevens Minerva en de maagden van de beide burchten. Helprik, de veldheer, eiste hem op, maar terwijl alle troepen nog aan de overzijde van de Schelde waren, voer de Ioniër terug naar ’t Vliedmeer en terstond weer naar onze eilanden. Zijn mensen en velen van ons volk namen vrouw en kinderen aan boord, en toen de Ioniër nu zag, dat men hem en zijn volk als misdadigers wilde straffen, vertrok hij heimelijk. Daar deed hij wel aan, want al onze eilanders en het andere Scheldevolk, dat gevochten had, werd naar Brittannië gebracht. Deze stap was verkeerd, want nu kwam het begin van het einde.
In die tijd was Rosamon (dat is Rosamuda), Moeder; zij had veel in der minne geschikt om de vrede te bewaren, doch nu het zo erg werd, maakte zij korte metten. Terstond zond zij boden langs de landpalen en liet een algemene noodban uitroepen, toen kwamen de landverdedigers uit alle oorden vandaan. Het strijdende landvolk werd opgepakt, maar Jon borg zich met zijn manschappen op zijn vloot, de beide lampen meenemende, benevens Minerva en de maagden van de beide burchten. Helprik, de veldheer, eiste hem op, maar terwijl alle troepen nog aan de overzijde van de Schelde waren, voer de Ioniër terug naar ’t Vliedmeer en terstond weer naar onze eilanden. Zijn mensen en velen van ons volk namen vrouw en kinderen aan boord, en toen de Ioniër nu zag, dat men hem en zijn volk als misdadigers wilde straffen, vertrok hij heimelijk. Daar deed hij wel aan, want al onze eilanders en het andere Scheldevolk, dat gevochten had, werd naar Brittannië gebracht. Deze stap was verkeerd, want nu kwam het begin van het einde.
</div>


==Ottema 1876==
==Ottema 1876==
<div class="toccolours mw-collapsible mw-collapsed">
'''[91]''' '''Hierbij komt de geschiedenis van Jon.'''
'''[91]''' '''Hierbij komt de geschiedenis van Jon.'''


Line 16: Line 19:


Te dier tijde was Rosamund, dat is Rosamuda, Moeder; zij had veel in der minne gedaan om vrede te bewaren, doch nu het zoo erg kwam, maakte zij korte maat. Terstond zond zij boden door de landpalen en liet een algemeene noodban uitroepen; toen kwamen de landverdedigers uit alle oorden weg. Het strijdende landvolk werd al gevat; maar Jon bergde zich met zijne manschappen op zijne vloot, medenemende de beide lampen, benevens Minerva en de maagden van de beide burgten. Helprijk, de heerman, liet hem indagen, maar terwijl alle soldaten nog aan de overzijde van de Schelde waren, voer Jon terug naar het Flymeer en terstond weder naar onze eilanden. Zijne krijgslieden en vele van ons volk namen vrouw en kinderen aan boord, en als Jon nu zag, dat men hem en zijne lieden als misdadigers wilde straffen, vertrok hij heimelijk. Hij deed terecht, want al onze eilanders en het andere Schelde volk, die gevochten '''[95]''' hadden, werden naar Brittanje gebracht. Deze stap was verkeerd, want nu kwam het begin van het einde.
Te dier tijde was Rosamund, dat is Rosamuda, Moeder; zij had veel in der minne gedaan om vrede te bewaren, doch nu het zoo erg kwam, maakte zij korte maat. Terstond zond zij boden door de landpalen en liet een algemeene noodban uitroepen; toen kwamen de landverdedigers uit alle oorden weg. Het strijdende landvolk werd al gevat; maar Jon bergde zich met zijne manschappen op zijne vloot, medenemende de beide lampen, benevens Minerva en de maagden van de beide burgten. Helprijk, de heerman, liet hem indagen, maar terwijl alle soldaten nog aan de overzijde van de Schelde waren, voer Jon terug naar het Flymeer en terstond weder naar onze eilanden. Zijne krijgslieden en vele van ons volk namen vrouw en kinderen aan boord, en als Jon nu zag, dat men hem en zijne lieden als misdadigers wilde straffen, vertrok hij heimelijk. Hij deed terecht, want al onze eilanders en het andere Schelde volk, die gevochten '''[95]''' hadden, werden naar Brittanje gebracht. Deze stap was verkeerd, want nu kwam het begin van het einde.
</div>


==Noten==
{{Hoofdstuk Navigatie|normal=Nl 09c Kelta en de Golen|back=Nl 09a Kelta en Minerva}}
<references />


[[Category:Nederlandse Vertalingen]]
[[Category:Nederlandse Vertalingen]]
__FORCETOC__
__FORCETOC__
{{DEFAULTSORT:^Hk 09 Volk Wijkt Uit^}}
{{DEFAULTSORT:^Hk 09 Volk Wijkt Uit^}}
{{Hoofdstuk Navigatie|normal=Nl 09c Kelta en de Golen}}

Revision as of 09:44, 12 April 2024

Ontwerp 2025 Ott

[065/15]

Overwijn 1951

[/65] Hierbij komt de geschiedenis van (Jon) Ioniër.

Jon, (Joon, Jhon en Jaan, betekent: ‘gegeven’ (jeven), maar) dat ligt aan de uitspraak van de zeelieden, die uit gewoonte alles verkorten, om het verweg en luid te kunnen roepen. Jon, (dat is 'gegeven'), was zeekoning, (geboren te Alderga), bij ’t Vliedmeer uitgevaren met 127 schepen, uitgerust voor een grote reis en rijk beladen met barnsteen, tin, koper, ijzer, laken, vlasvilt en vrouwenvilt van otter-, bever- en konijnenhaar. Nu zou hij van hier nog schrijfvilt meenemen, maar toen de Ioniër hier kwam en zag, hoe Kälta onze roemrijke burcht verwoest had, werd hij zo uitermate boos, dat hij met al zijn manschappen op de Vliedburcht afging en daar ter vergelding de rode haan opstak. Maar door zijn schout-bij-nacht en sommigen van zijn manschappen werden de lamp en de maagden gered, maar Syra of Kälta konden zij niet vatten. Deze klom op de uiterste tinne, iedereen dacht, dat zij in de vlammen zou omkomen, maar wat gebeurde? Terwijl al haar lieden stokstijf van schrik stonden, kwam zij schoner dan ooit tevoren op haar ros aanrijden, hun toeroepende: „naar Kälta, mijnes.” Toen liep het [67] andere Scheldevolk te hoop. Zodra de zeelieden dat zagen, riepen zij: „wij voor Minerva”, Daaruit is een oorlog ontstaan, waardoor duizenden gevallen zijn.

In die tijd was Rosamon (dat is Rosamuda), Moeder; zij had veel in der minne geschikt om de vrede te bewaren, doch nu het zo erg werd, maakte zij korte metten. Terstond zond zij boden langs de landpalen en liet een algemene noodban uitroepen, toen kwamen de landverdedigers uit alle oorden vandaan. Het strijdende landvolk werd opgepakt, maar Jon borg zich met zijn manschappen op zijn vloot, de beide lampen meenemende, benevens Minerva en de maagden van de beide burchten. Helprik, de veldheer, eiste hem op, maar terwijl alle troepen nog aan de overzijde van de Schelde waren, voer de Ioniër terug naar ’t Vliedmeer en terstond weer naar onze eilanden. Zijn mensen en velen van ons volk namen vrouw en kinderen aan boord, en toen de Ioniër nu zag, dat men hem en zijn volk als misdadigers wilde straffen, vertrok hij heimelijk. Daar deed hij wel aan, want al onze eilanders en het andere Scheldevolk, dat gevochten had, werd naar Brittannië gebracht. Deze stap was verkeerd, want nu kwam het begin van het einde.

Ottema 1876

[91] Hierbij komt de geschiedenis van Jon.

Jon, Jôn, Jhon en Jan is gelijk met gegeven, doch dat ligt aan de uitspraak der zeelieden, die uit gewoonte alles bekorten, om het verre te mogen spreken en luide te roepen. Jon, dat is gegeven, was zeekoning, geboren te Alderga, het [93] Flymeer uitgevaren met 127 schepen, uitgerust voor eene groote reis en rijk geladen met barnsteen, tin, koper, ijzer, laken, linnen, vilt, vrouwenvilt van otters, bevers en konijnenhaar. Nu zoude hij van hier nog schrijfvilt medenemen; doch toen Jon hier kwam en zag, hoe Kælta onze roemrijke burgt verwoest had, toen werd hij zoo uitermate boos, dat hij met alle zijne manschappen op Flyburch losging en daar tot vergelding den rooden haan instak. Maar door zijn schout bij nacht en sommige zijner manschappen werden de lamp en de maagden gered; doch Syrheed of Kælta mochten zij niet vatten. Zij klom op de uiterste tinne; iedereen meende dat zij in de vlammen moest omkomen; doch wat gebeurde? Terwijl al hare lieden stokstijf van schrik stonden, kwam zij schooner als te voren op haren klepper, hun toeroepende: naar Kælta Minhis. Toen stroomde het andere Schelda volk te hoop. Als de zeelieden dat zagen, riepen zij: wij voor Minerva. Daaruit is een oorlog ontstaan, waardoor duizende gesneuveld zijn.

Te dier tijde was Rosamund, dat is Rosamuda, Moeder; zij had veel in der minne gedaan om vrede te bewaren, doch nu het zoo erg kwam, maakte zij korte maat. Terstond zond zij boden door de landpalen en liet een algemeene noodban uitroepen; toen kwamen de landverdedigers uit alle oorden weg. Het strijdende landvolk werd al gevat; maar Jon bergde zich met zijne manschappen op zijne vloot, medenemende de beide lampen, benevens Minerva en de maagden van de beide burgten. Helprijk, de heerman, liet hem indagen, maar terwijl alle soldaten nog aan de overzijde van de Schelde waren, voer Jon terug naar het Flymeer en terstond weder naar onze eilanden. Zijne krijgslieden en vele van ons volk namen vrouw en kinderen aan boord, en als Jon nu zag, dat men hem en zijne lieden als misdadigers wilde straffen, vertrok hij heimelijk. Hij deed terecht, want al onze eilanders en het andere Schelde volk, die gevochten [95] hadden, werden naar Brittanje gebracht. Deze stap was verkeerd, want nu kwam het begin van het einde.

Navigeer

Nl 09a Kelta en Minerva ᐊ vorig/volgend ᐅ Nl 09c Kelta en de Golen